BalanC Blog

‘Van hebben naar had’

Op een dag, ik weet niet eens wanneer, besloot ik om mijzelf los te zien van mijn eetstoornis en PTSS. Was ik al helemaal hersteld? Ben ik al helemaal hersteld? Ik weet het niet. Maar je kan geen examen doen om dat te testen. Het is een gevoel, een kracht een soort geloofsovertuiging. Ik weet dat ik mij sterk voel, dat ik mijzelf voor het eerst in mijn leven 100% accepteer. Zelfs kan ik zeggen dat ik mijzelf een leuk, lief en fijn mens vind. Ik ben wie ik ben en daar ben ik heel trots op.

Het gevoel van zelfacceptatie is denk ik het allerfijnste en meest waardevolle wat een mens kan ontwikkelen. Het kost tijd en is niet iets wat gebeurt door een boek te lezen of therapie te volgen. Dat zijn allemaal tools om er uiteindelijk te komen, maar het belangrijkste is dat je er zelf in gelooft. Dat je durft te voelen en durft te ontdekken wie jij bent. Dat je ruimte geeft aan jezelf om er achter te komen wat jouw behoeftes, waarden en interesses zijn. Zonder labels en hokjes als die je beperken, met labels en hokjes als die duidelijkheid en inzicht geven. 

Die ontdekking en groei naar jezelf is niet iets wat ooit stopt. De mens is altijd opzoek naar meer. Naar nieuwe uitdagingen, naar ontwikkeling en kennis. Dat hoort bij het leven en dat maakt het leven ook zo leuk. Het kan elke dag anders gaan. Je mag nieuwe wensen realiseren, of oude wensen aanpassen. Dit is ook de manier hoe ik mijn cliënten wil coachen. Niet gaan voor herstel, maar gaan voor het leven. Gaan voor vrijheid. Gaan voor ruimte om te ontdekken, om te falen, om te behalen. Om nieuwe dingen tegen te komen of en oude dingen los te laten.  

Als het onderwerp PTSS of eetstoornis aan bod komt, zeg ik tegenwoordig ‘ik had’. Ik merk dat dit mij helpt om mijzelf niet meer te identificeren met deze etiketten. Het veranderen van de benoeming helpt mij omdat ik ‘ik’ ben. En daarbij horen niet die labels. Ja mijn eetstoornis, mijn PTSS en de gebeurtenissen in mijn leven die dat hebben veroorzaakt zullen altijd een stukje van mij zijn. Maar ik wil mij er niet aan vasthouden of aan identificeren omdat ik zoveel meer ben dan dat, en dat geld voor iedereen met problemen. 

Een belangrijk aandachtspunt bij het veranderen van ‘ik heb’ naar ‘ik had’ is dat het niet iets moet zijn uit vermijding. Zeggen dat je het had terwijl je dagelijks nog handelt naar de stemmen en rigide houding van de eetstoornis. Of zeggen dat het goed gaat, terwijl als niemand kijkt oud gedrag toch vaker plaatsvindt dan dat je laat zien. Als je overstapt naar ‘ik had’ betekend het niet dat alles direct goed gaat, was het maar zo simpel. Het is alleen de kracht die taal en woorden kunnen hebben. Het helpt mij om mijzlef los te zien van de labels, en alles te zijn wat ik ben naast de eetstoornis en PTSS.

Er is geen vast schema of tempo waarin herstellen juist is. Soms zeggen mensen tegen mij: ‘Ga je niet te snel?’ Waarop ik reageer: ‘Maar wie bepaalt het tempo?’ Het is voor mijn omgeving soms wel wennen om met mij om te gaan. Het lopen op de eierschalen is niet meer nodig. De mijnen die om mij heen lagen zijn ook netjes opgeruimd. Ik kan doordat ik mijzelf volledig te accepteer, kritiek én complimenten beter aan. Ik durf te zeggen hoe ik mij voel, hoe moeilijk soms ook. Want ik kan echt bij mijzelf stilstaan om te voelen hoe ik mij voel zonder dat ik daar bang voor ben. Voelen is namelijk eigenlijk heel fijn, en gelukkig zijn het tegenwoordig meer goede dan slechte dagen. 

Liefs, Charlie

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *